Angerlo

Angerlo was eeuwenlang een kerspel van Doesburg, dat houdt in dat het kerkelijk onder hetzelfde gezag viel. Rond het jaar 1500 telde het dorp negentig huishoudens (ongeveer 350 inwoners). In 1811 werd Angerlo een zelfstandige gemeente. In 1866 kreeg het gemeentebestuur in herberg Het Wapen twee kamers ter beschikking als secretarie. Tot 1 januari 2005 bleef Angerlo een zelfstandige gemeente, die ook Bahr, Bevermeer, Bingerden, Giesbeek en Lathum omvatte. Deze gemeente Angerlo maakte aan het eind van de 20ste eeuw deel uit van de Stadsregio Arnhem-Nijmegen en omvatte een gebied van 30,34 km² (waarvan 2,10 km² water). Thans behoort Angerlo tot de gemeente Zevenaar, dat door de samenvoeging naar oppervlakte twee keer zo groot is geworden.

 

              Herberg het Wapen annex Gemeentehuis in verschillende tijden                    

 

                            Zuivelfabriek                                           Huize Wielbergen

 

                     Dorpsstraat                                                 Ned. Herv. Kerk

 

                     Kerk en Pastorie                                                Ned. Herv. Kerk

 

                     Dorpsstraat                                                de Viersprong

 

               Huize Wielbergen                                            Kasteel Kell


Bingerden wordt al in het jaar 970 voor het eerst beschreven als een versterkte boerderij met gracht als bezit van de graven van Hamaland, die bescherming moest bieden tegen eventuele aanvallen vanaf de IJssel. Als graaf Wichman IV het goed schenkt aan de abdij van Elten, vecht zijn dochter Adela van Hamaland de schenking aan. Na jarenlange strijd kreeg zij onder andere Bingerden in haar bezit. Nadat zij stierf kwam het goed in handen van de aartsbisschop van Keulen. Waarschijnlijk komt de naam "Bingerden" af van "binnen de gaarden". In 1660 werd het landgoed gekocht door een verre voorvader van de huidige eigenaressen.

 

               Kasteel Bingerden                                                Kasteel Bingerden


Heren en vrouwen van Bingerden.
Jkvr. Anne Constance Sophie Seline van Weede (1960), Jkvr. Marguerite Louise van Weede (1962) trouwt 1989 M.J.A. Haitsma Mulier en Jkvr. Caroline Eugenie van Weede (1964) trouwt 2000 F. Costrel de Corainville dochters van volgende Jhr. Jacob Dirk Carel van Weede (1929-2005), zoon van volgenden Sophia Wilhelmina barones van Heeckeren van Kell (1892-1967), trouwt 1927 jhr. mr. W. E. van Weede (1887-1974), dochter van volgende Mr. Jacob Dirk Carel baron van Heeckeren van Kell (1854-1931), zoon van volgende Mr. Willem baron van Heeckeren van Kell (1815-1914), zoon van volgenden Jkvr. Geertruijd Sara Agatha van Pabst (1774-1847), lid van het geslacht Van Pabst, trouwt 1800 W. H. A. C. baron van Heeckeren (1774-1847), zus van volgende Jhr. Rudolf Willem Jacob van Pabst (1775-1841), zoon van volgende Jhr. mr. Johan Mouritz van Pabst (1740-1824), heer van Bingerden 1776-, kleinzoon van volgende Johann Maurits Edle von Pabst (1650-1730), heer van Bingerden 1674-, zoon van volgende Mr. Hermann Pabst (1603-1663), heer van Bingerden 1661- Johann Arnold baron von Goltstein, heer van Bingerden 1641-

Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, in april 1945, werd het huis door terugtrekkende Duitse troepen in brand gestoken. In 1958 werd het huis herbouwd in een kleinere versie. Vanaf 1942 deed het huis Bingerden dienst als refugiehuis voor de Benedictijner monniken uit Egmond. Door Dom Tholens en pater Van den Biesen werd het huis bewoonbaar gemaakt. In september 1944 wordt Bingerden door de Duitsers gevorderd en vestigen de monniken zich improviserend in Doesburg.

Het huis werd op kleinere schaal herbouwd in 1958. Het huis en de tuinen zijn overigens nog altijd privé-bezit. Alleen groepen vanaf 15 personen kunnen, op aanvraag, een rondleiding door de tuinen krijgen, tussen mei en eind juni. De "Internationale Kwekerijdagen", die het derde weekend van juni worden gehouden, is een jaarlijks terugkerend evenement. Kwekers uit Nederland, België en Duitsland bieden er hun topplanten aan.